In de jaren vijftig stimuleerden de kabinetten Drees met voorlichting en geld de emigratie naar Canada, Australië, Zuid-Afrika, Nieuw-Zeeland en de Verenigde Staten. De emigratie maakte deel uit van een bewuste bevolkingspolitiek.
Er was angst voor overbevolking, Nederland had toen tien miljoen inwoners en bovendien moest de werkgelegenheid veilig gesteld worden.
Het was de tijd van de wederopbouw. De naoorlogse industrialisatie bood velen werk, maar het aanbod van arbeidskrachten was groter dan de vraag. De landbouw werd via ruilverkavelingen en door vergroting van de bedrijven gemoderniseerd. Het betekende wel dat er voor veel jonge boeren geen plaats meer was om hun beroep uit te oefenen. Per jaar vertrokken meer dan 30.000 Nederlanders, de landverhuizers, vanuit Rotterdam met passagiersschepen als de 'Grote Beer', de 'Volendam' en de 'Willem Ruys' vol verwachting naar hun nieuwe land. In 1952 werd een record gevestigd, toen er zelfs 52.000 inwoners vertrokken om elders hun geluk te beproeven.
Nu zijn de emigratiecijfers weer op het oude niveau van de jaren vijftig. Het record van 1952 is nog niet gebroken, maar het scheelt niet veel. Het aantal emigranten met een Nederlandse nationaliteit bedroeg verleden jaar maar liefst 49.000. Dat is opmerkelijk omdat de regering geen bevolkingspolitiek meer voert en al helemaal geen geld beschikbaar meer stelt voor emigranten.
Uit gegevens van het Nederlands Interdisciplinair Demografisch Instituut (NIDI) blijkt dat de motieven om naar een ander land te verhuizen nogal verschillen. Bij een vertrek naar België en Duitsland speelt de liefde vanouds een belangrijke rol. Mannen en vrouwen uit deze landen zijn voor onze grensbewoners begeerlijke partners. Dat hoeft geen verwondering te wekken, want het ligt voor de hand dat buren verliefd op elkaar worden.
Daarnaast zijn het werk (onder andere Engeland) en de huizenprijs belangrijke redenen om naar een buurland te verhuizen. Voor een aantal francofielen is de cultuur de bepalende factor om Nederland vaarwel te zeggen. Vanouds zijn er fiscale motieven om te emigreren (België en Zwitserland en voor enkele schatrijken Monaco). Het klimaat is eveneens van belang om zich in landen als Spanje, Italië en Frankrijk te vestigen. Het zijn vooral de ouderen die besluiten om permanent in deze landen te gaan wonen. In vele plaatsen langs de Spaanse kust is 'Nederland aan zee' zichtbaar inclusief Nederlandse voorzieningen (horeca, bank, arts, dominee en pastoor) en supermarkt met hagelslag, drop en andere vaderlandse heerlijkheden. Er zijn nieuwe begeerlijke bestemmingen zoals Thailand en de nieuwe lidstaten van Europese Unie.
Door het onderzoek van het NIDI weten we echter veel meer over de motieven om uit Nederland te vertrekken. De zon, de liefde, het huis en het werk blijven belangrijke redenen om te emigreren. Ook familie en vrienden die eerder uit Nederland zijn vertrokken spelen een rol om te besluiten zich definitief elders te vestigen. Het is een traditioneel migratiepatroon, want ook hier geldt het gezegde 'als er één schaap over de dam is volgen er meer'. Maar we weten nu ook veel meer over de plannen en de motieven van degenen die daadwerkelijk van plan zijn om te emigreren.
Zij hebben een hoge opleiding genoten, ze zijn jong en als het zou kunnen zouden ze het liefst naar Canada, Australië of Frankrijk vertrekken. Meer dan 80 procent van de potentiële emigranten is van mening, om het netjes te zeggen, dat de bevolkingsdichtheid te hoog is in Nederland. Zij scharen zich achter de kreet van rechts 'Nederland is vol'. Het valt ook op dat 77 procent de mentaliteit van de Nederlandse bevolking negatief beoordeelt. Ook de omvang van de criminaliteit wordt als een reden voor vertrek genoemd, evenals de milieuvervuiling en de multiculturele samenleving.