In 2011 moet 80 procent van de ,,inburgeringsvoorzieningen'' daarom gekoppeld zijn aan werk of scholing voor werk. Dat zei vicepremier Wouter Bos in een toelichting op het beleidsprogramma. ,,Het gaat erom dat mensen niet alleen in een klasje zitten, maar dat ze meedoen in de maatschappij.'' De inburgering moet ook beter aansluiten bij de kennis en kunde van een vreemdeling. Daartoe komen er verschillende examenniveaus.
Volgens verantwoordelijk minister Ella Vogelaar (Integratie) kunnen vreemdelingen op diverse manieren deelnemen aan de maatschappij. ,,Mensen kunnen zich oriënteren op werk of meteen aan de slag gaan. Maar bij vrouwen die naar Nederland komen voor gezinshereniging ligt het vaak meer voor de hand ze in te wijden in de opvoeding.'' Daarnaast moet er ruimte zijn voor stages.
Het instituut voor multiculturele ontwikkeling Forum pleitte recent ook voor inburgering door actieve deelname aan de samenleving. Daarvoor zouden 80.000 tot 100.000 stageplaatsen moeten komen, waar migranten in de praktijk hun draai kunnen vinden in Nederland.
,,Ik ben het eens met de gedachte achter dat plan, maar ze hebben het wel extreem neergezet'', vindt Vogelaar. Zij zoekt meer ruimte voor maatwerk en wijst erop dat zoveel stageplaatsen moeilijk te vinden zijn. Werkgevers hebben dat ook al gezegd. |